Thursday, March 12, 2015

Johannes Lepsius: Rücksichtslos frauderen voor de Armenen (II)

(deel I)
 
De anti-Turkse kamp in de Armeense kwestie herbergt ene na andere oplichter. Fraudeurs, integriteitsloze personen, moreel vervallen lieden, noem maar op, er is geen ontkomen aan deze figuren. Ik ga in deze serie nu wat dieper in op één van zulke individuen en een icoon van de Armeense pseudogenocide.


Net als de meeste pleitbezorgers van de Armenen was bedriegen anderen bij Johannes Lepsius geen probleem. Deze Duitse geestelijke heeft een lange spoor van fraude en bedrog nagelaten in zijn publicaties.

Dr. Jan Krans van de Vrije Universiteit onthulde zijn gerommel met Bijbelteksten. Als theoloog hield Lepsius zich namelijk ook bezig met de analyse van de Bijbel.

Krans levert in zijn artikel* kritiek op een analyse van Lepsius over de opstanding van Jezus. Om zijn theorie over die opstanding aannemelijk te maken bleek Lepsius een uit de duim gezogen verklaring aangevoerd te hebben. Op diplomatieke wijze vertelt Krans de lezer dat Lepsius zat te frauderen met oorspronkelijk bronmateriaal. Toen al zag je dus deze fraudeur met teksten rommelen om een leugen aan de man te brengen.

* 'To Touch or Not to Touch: Lepsius on John 20:17' (‘Wel of niet aanraken: Lepsius over Johannes 20:17’).

Buiten frauderen met Bijbelteksten zette Lepsius zijn talenten ook in voor de Armenen. Vanaf het einde van de 19e eeuw kwam je deze fanaticus tegen om de Armenen te steunen*.
* Je zag hem overal opduiken om Armenen te hulp te schieten:
Toen Europeanen voor Armenen grond in Oost-Anatolië cadeau dachten te kunnen geven, sprong hij op de bres voor zijn lievelingen. Zoals een ware Armeense groupie betaamt verdedigde hij later een lid van de Armeense doodseskader Nemesis die één van de eerste moorden in naam van een Armeense genocide pleegde (de moord op Talaat Pasja door Tehlirian).

Lepsius was één van de christelijke geestelijken die in de 1890’s schreef over de bloeddorstige moslims die tekeer zouden zijn gegaan tegen de Armenen. In zijn bundel artikelen ‘Armenië en Europa: een schriftelijke aanklacht’ uit 1897 deed hij vingeroefeningen in fraude en bedrog voor later. De Duitse journalist Hans Barth noemde hem een vestzak Torquemada (de beruchte Spaanse ketterjager die zijn slachtoffers martelde om bekentenissen af te dwingen). 

Zijn ervaring in bedriegen van het publiek in de 1890’s kwam van pas toen hij in de zomer van 1915 over de relocatie van Armenen vernam. Het publiek in Europa en Amerika werd destijds doodgegooid met allerlei hysterische verhalen over moord en doodslag op de Ottomaanse Armenen.

Hij ging daarop naar het Ottomaanse Rijk om informatie over die verhalen te verzamelen. Een andere pro-Armeense sympathisant en aartsbedrieger, de Amerikaanse ambassadeur Henry Morgenthau, trad daarbij op als zijn hofleverancier. De verzamelde informatie bracht Lepsius in boekvorm uit in 1916: 'Todesgang des Armenischen Volkes' (vertaald: 'De dodentocht van het Armeense volk').

We hoeven niet verder uit te weiden over die publicatie. We kennen dat werk. Het is op de weblog namelijk aan bod geweest: de eerder besproken boek die een Nederlandse hulporganisatie in 1918 uitbracht om over de ruggen van Turken geld binnen te slepen: 'Marteling der Armeniërs in Turkije - naar berichten van ooggetuigen'. (Zie het artikel 'De anti-Turkse gruwelpropaganda: een ware goudmijn (II)' ).

Je kan er dus allerlei 'ooggetuigenissen' vinden die reppen over misdaden gepleegd door Turken op Armenen. Turken die bloed van hun slachtoffers drinken en dergelijke fantasieverhalen. Zonder vermelding dat de fraudeur Lepsius grotendeels* achter die verhalen stak. In 1919 werd dit werk in een uitgebreidere vorm heruitgegeven.
* Het is niet een exacte Nederlandse vertaling. De hoofdmoot van wat er staat is van de hand van Lepsius. Zie pagina 67 van het Word-document van de scriptie 'Een gruwelijke marteling,...' van de pro-Armeense Dirksje Willempje Groenhoff (te vinden op in https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/19480).

Lepsius was dus niet vies van plegen leugens en bedrog voor de Armenen. Maar het jaar 1919 zou nog een werk van zijn hand aanschouwen. Het betreft zijn magnum opus ‘Deutschland und Armenien 1914-1918, Sammlung diplomatischer Aktenstücke*.
* Duitsland en Armenië 1914-1918, Verzameling diplomatieke documenten’. Hierna ’Duitsland en Armenië.

Wat Lepsius in deze publicatie gedaan heeft is kort samengevat (details gaan nog volgen):
hardcore documenten bewerken en ze als authentiek verkopen om de Turken zware misdaden in de schoenen te schuiven.

Dat werk is op westerse universiteiten één van de pilaren om de Armeense leugens als historische feit te slijten.
 


Thursday, March 5, 2015

Geert Wilders bij de cover-up herdenking van Armenen


Afgelopen zondag vond in Den Haag de herdenking van de Armeense misdaden van Hocali plaats.

Alhoewel het bloed van Azeri’s nog aan hun handen kleeft, probeerden de Armenen hun misdaden te verdoezelen* door de dag erop met een eigen herdenking. Daartoe hadden ze de extreem-rechtse volksmenner Geert Wilders uitgenodigd. Hij was afgelopen maandag te vinden op hun monument in Almelo.
* 24 april is pas over bijna twee maanden. Zie ook hoe ze hun misdaden op honderden burgers proberen te verhullen door het “de Slag om Xocali” te noemen. 

Wilders, tussen twee Armeense bruinhemden.

Deze rechts-extremist zien we vaak uithalen naar moslims en hun religie. Voor lieden met een xenofobe en neonazi inslag is de Armeense nongenocide daarbij een welkome aanvulling om ze zwart te maken. Het was dus niet verbazingwekkend dat we Wilders als één van sponsors van de tegen de Turken gerichte motie Rouvoet tegenkwamen.

(Turken zijn merendeels moslims. De Armeense luchtkasteel had voor hem een uitgelezen kans kunnen zijn om ze door het slijk te halen. In die (pro-)Armeense propaganda moeten immers de moslimTurken het ontgelden. Maar hem zag je nauwelijks in deze kwestie. Af en toe zoals met de cover-up herdenking in Almelo duikt hij op.)

Als de Turken voor Ahmet Benler een monument in Den Haag oprichten, kunnen ze Wilders op 12 oktober een herkansing bieden om niet te discrimineren bij herdenkingen. Bovendien hoeft hij als parlementariër ook niet helemaal naar de andere kant van het land af te reizen.

Ahmet Benler, moest sterven vanwege Armeense leugens.





UPDATE 18 maart 2015:
Dat monument is opgericht, zie 'Ahmet Benler: alsnog een herdenkingsmonument'.